Interview – Jef Delen wil meer vuurwerk bij Westerlo

Bergen gooide tijdens het seizoen de boeg om en verhoogde het budget tijdelijk van 3,7 naar 6 miljoen euro. Deze kunstgreep bracht weinig zoden aan de dijk en staat in schril contract met het succesverhaal van KVC Westerlo. Met een budget van 3,5 miljoen euro dwong de club opnieuw een plaats in de linkerkolom af. Voor de achtste keer op rij bleef Westerlo van degradatiezorgen bespaard. Het enige manco bij dit alles is het etiket van ‘grijze muis’ dat de club stilaan opgekleefd krijgt.


“Meer vuurwerk in het Kuipje, Westerlo mag geen grijze muis worden”


 


“Westerlo maakte een zorgeloos seizoen door, maar we kunnen niet helemaal tevreden zijn”, merkt Jef Delen op. “Wij namen een goede start en we konden het vertrek van onze goalgetter Tosin Dosunmu (naar Austria Wien na vier wedstrijden, nvdr.) goed opvangen. Maar het had net dat tikkeltje meer moeten zijn. De kers op de taart ontbreekt een beetje. De enige uitschieter in het Kuipje was een 2-2 gelijkspel tegen Anderlecht. En de laatste tien wedstrijden hebben we te veel weggegeven. We waren al vroege uit de degradatiezorgen en de kloof met de ploegen bovenaan was te groot geworden. Ik vind dat we eens goed in de spiegel moeten kijken, want zelfs al staat er niets meer op het spel, dan nog mag zo een terugval niet gebeuren.”


 


Westerlo doet het uitstekend met de beperkte middelen die aanwezig zijn, maar dat imago van grijze muis wordt alsmaar meer jullie richting ingeduwd.


“Wij hadden een traditie van ‘giantkillers’ opgebouwd, maar de laatste twee seizoenen viel daar weinig van te merken. De supporters en de media maken ons daar elke keer op attent en zo krijg je dat imago. Maar ik kan ze niet helemaal ongelijk geven, want een 2-2 tegen Anderlecht is te weinig. Of je goed gevoetbald hebt tegen Standard, Genk of Club Brugge weet niemand een maand later. De uitslag is het enige wat telt. Ik ben er zeker van dat we met Tosin Dosunmu in de ploeg voor meer stuntwerk hadden kunnen zorgen. Dat is geen verwijt naar de andere spelers toe, want ons seizoen is niet mislukt. Helemaal niet. Maar we misten toch een echte afwerker. In een topwedstrijd krijg je één of twee kansen om de boel te doen laten ontploffen.” 


“Hoe meer concurrentie, hoe beter”


 


Bij Germinal Beerschot proefden ze tot aan de bekerfinale een gebrek aan respect en erkenning. Loop jij met hetzelfde gevoel rond?


“Ik vind het ontzettend knap wat Westerlo de laatste jaren gerealiseerd heeft. Daar kunnen veel ploegen alleen maar jaloers op zijn. De club heeft haar plaats in eerste klasse te pakken en dat is een prestatie op zich. Er zijn genoeg ploegen die komen en gaan. Maar ik kan niet ontkennen dat er toch iets knaagt bij mij. In die zin kan het nieuwe seizoen niet vroeg genoeg beginnen, want ik wil zo snel mogelijk de traditie terug in ere herstellen. De topploegen moeten terug met knikkende knieën naar het Kuipje afzakken.”


 


Jij twijfelde even om je contract te verlengen. Had je nood aan een nieuwe uitdaging of wou je gewoon even de kat uit de boom kijken?


“Wij zaten al voor de winterstop rond de tafel en ik heb het spel heel eerlijk gespeeld. Ik liet de clubleiding weten dat ik twee maanden wou wachten, maar dat ik zeker niet tegen een langer verblijf bij Westerlo was. Ik word deze zomer 29 jaar. Dan is het logisch dat je even tot bezinning wil komen. Er was interesse van een aantal ploegen, ook van ploegen uit de subtop. Maar het werd nooit concreet. Zoals afgesproken gingen we terug rond de tafel zitten, met een contract voor drie seizoenen als resultaat.”


 


Juist in die periode raakten de transfers van Nico Van Kerckhoven, Bernd Evens en Tom Van Imschoot, alledrie linkvoetige spelers, bekend. Gaf dat een raar gevoel?


“Ik had mijn beslissing in beraad, maar er was absoluut geen sprake van een kloof met de clubleiding. De club hield de spelersgroep goed op de hoogte van de plannen en de ontwikkelingen. Bij Westerlo ben je geen nummer. Dat er concurrentie op de linkerflank bijkomt, juich ik alleen maar toe. Hoe meer concurrentie, hoe beter. Ik moest het afgelopen seizoen als linksback spelen, uit noodzaak. Met de komst van Bernd Evens kan ik terug een rij naar voor opschuiven. Nico Van Kerckhoven komt centraal achteraan te spelen en Tom Van Imschoot kan zowel op de flank als centraal op het middenveld spelen.”


 


In 2008 loopt je nieuwe contract af en in juni mag je 29 kaarsen uitblazen. Beschouw je Westerlo als het eindstation?


“De club zag een contract voor vijf seizoenen niet zitten, dus werd het drie jaar. Zonder zware blessures zit mijn carrière er in 2008 nog niet op. Dan ben ik 32 jaar. Ik hoop nog een jaar of zes in eerste klasse mee te kunnen draaien. Het zou mooi zijn als dat bij Westerlo is. Mijn carrière is niet mislukt als ik tot op het einde bij deze club blijf hangen. Ik ben tevreden met wat ik al bereikt heb en zo gemakkelijk is het nu ook weer niet om een goede club te vinden. Ik woon op tien minuten van het stadion en ik heb van mijn hobby mijn beroep mogen maken. Waarom zou ik dan klagen? Het is een kwestie van gelukkig proberen te zijn met wat je hebt. Ik ben bij Beersel beginnen voetballen, en kon via Tielen en KV Mechelen bij Verbroedering Geel als semi-prof beginnen. Geel tuimelde meteen terug naar tweede klasse. Voor hetzelfde geld had Westerlo mij toen niet binnengehaald. Ik ga mijn zevende jaar als profvoetballer in en daar ben ik fier op. Veel spelers hebben moeten afhaken. Ik sta er nog altijd.”


 


Geen wilde toestanden in Ibiza


 


Zou jij bij een club als Anderlecht, waar het akkefietjes regent, kunnen aarden?


“Ik denk het niet. Voetbal is voor mij een ploegsport. Individualisme is niet aan mij besteed. Geef mij maar een gemoedelijke club als Westerlo. Ik verdien goed mijn brood en ik geniet van elke dag.”


 


Een aantal voetballers beweren dat ze voetbalmoe zijn na hun carrière.


“Voetbalmoe en voetbalmoe is twee. De spelers die er zo over denken, hebben het voetbal misschien op een andere manier beleefd. Mijn werk is mijn hobby. Ik ga wel niet uitbollen in derde of vierde klasse. Als ik stop, zal dat in schoonheid zijn, op het hoogste niveau. Maar ik zal het voetbal wel blijven volgen. Daarvoor zit ik al te lang in het wereldje.”


 


Van voetbalmoeheid gesproken. Jullie stapten met de spelers en de staf weer het vliegtuig op naar Ibiza.


“Daar gaan veel wilde verhalen over rond, maar dan heb ik in die vijf edities toch iets gemist (lacht). Die vijfdaagse trip naar Ibiza hoort bij een club als Westerlo. Bij veel clubs is na de laatste speeldag het seizoen gedaan en een dikke maand later komt iedereen terug samen. Deze korte trip dient om de riem na een zwaar seizoen even af te leggen, en het bevordert de groepssfeer natuurlijk. Zo krijgen wij ook de kans om op een leuke manier afscheid te nemen van de spelers die de club verlaten. Wij hebben immers een heel seizoen samen opgetrokken. Dat schept een toch hechte band. Elke speler kijkt uit naar die vijf dagen in Ibiza. Want er zijn maar weinig clubs waar je zoiets kan meemaken. Overdag liggen we aan het strand en ’s avonds gaan we een pint pakken in een café. In de discotheken zal je ons niet terugvinden. Die zijn dan trouwens nog gesloten, want wij gaan buiten het seizoen. Als dat wel zo was, zouden we nog voor een gezellig café kiezen. Dat typeert Westerlo. Het moet plezant en gemoedelijk blijven. Of we de pracht en praal van het hele eiland al ontdekt hebben? Neen, maar misschien komt het er de volgende keer wel van, wie weet.”


 


Wanneer maak jij je klaar om voor dat vuurwerk in het Kuipje te zorgen?


“Mijn fysieke kracht is aangeboren. Als ik twee, drie weken niets doe heb ik maar enkele dagen nodig om er terug te staan. Na Ibiza trek ik mijn met vriendin en drie andere koppels naar Toscane. We hebben er een huis gehuurd voor negen dagen. En dan is het tijd voor meer vuurwerk, dat beloof ik.”

Categorieën
Specials & Video

Antwoord

*

*

GERELATEERD